Ondertussen werden ook brieven gericht vanuit Daga naar de Senegalese regering toe ivm de toekomst en het operationeel worden van het ziekenhuis in Daga-Youndoum Bambara.
We hopen ook een positief bericht te mogen ontvangen vanuit de Senegalese regering om het ziekenhuis te voorzien van voldoende geschoold personeel en zelf te voorzien in hun salaris.
In april 2007 trok Sora richting Senegal in de hoop te kunnen helpen met het uitladen van de container en wat praktische hulp te kunnen bieden in Daga zoals het installeren van de ziekenhuisbedden en het isoleren van het mortuarium. Toen we in Senegal aankwamen, was de container al aan wal en was het materiaal al op transport gezet naar Daga-doundoum Bambara.
Deze keer hadden we het geluk om 3 dagen in de brousse te verblijven.
Het was een heel unieke ervaring: toen we aankwamen werden we enthousiast onthaald door de dorpelingen en viel het ziekenhuis meteen op door zijn omvang. Op het binnenplein stond het materiaal van de container te wachten om gesorteerd,gemonteerd, geplaatst of verdeeld te worden.
Het was er een drukte van jewelste en het deed ons hartje deugd dat we dit al gerealiseerd hadden. Met enige fierheid konden we het geheel verschouwen en zagen dat het goed was. Onder de stralende Senegalese zon sloegen Belgen en Senegalesen de handen in elkaar om met vereende krachten de bedden te monteren en in de kamers van het ziekenhuis
te plaatsen. Het was echt teamwerk: elk zocht een specifiek onderdeel bij elkaar van hoofdeinde tot optrekbeugel. De nachtkastjes werden aangevoerd en het overige materiaal zoals verbanden werd veilig opgeborgen bij de conciërge van het dorp. Zelf hadden we de eer en het genoegen om als eerste in het ziekenhuis te verblijven en
er te overnachten.
Het was een heel toffe ervaring om bij de Senegalese bevolking te verblijven maar het was er schroeiend heet met liters transpiratievocht als gevolg en veel drinken als boodschap nummer één.
Door de chef de village kregen we een uitgebreide rondleiding in het dorp.
We werden begeleid en omringd door een menigte van enthousiaste dorpelingen en opgewekte kinderen. Met heel weinig bestaansmiddelen en vooral met een positieve kijk op het leven probeert men er dag na dag te overleven. Om de zengende hitte van de zon niet te moeten trotseren, keerden we vroeg in de morgen terug richting Dakar. Op een groot feest in Ndjassan ter ere van de profeet Mohammed voorgegaan door de marabout kregen we via de pers een uitnodiging om op bezoek te gaan bij de minister
van volksgezondheid in Dakar. Op 10 april 2007 hadden we dus een afspraak op het ministerie van volksgezondheid. De minister en zijn kabinetchef lieten aanvankelijk op zich wachten maar ons lange wachten
werd beloond want we hadden een boeiend en constructief onderhoud eerst met de kabinetchef en achteraf met de minister van gezondheidszorg. Ons verhaal over de toestand in Daga was voor de kabinetchef heel herkenbaar want zelf was hij opgegroeid in de brousse en kende dus zeer goed de moeilijkheden en de noden waarmee de dorpelingen te kampen hebben. Daarom was hij meteen bereid om ons te helpen. Hee concreet betekent dit voor ons dat we o.a. hulp mogen verwachten bij het transporteren
van onze ziekenwagen (die door zijn hogere leeftijd normaal gezien het land niet meer binnenmag) en ander medisch materiaal en dat ze zullen uitkijken om geschoold personeel te voorzien eens het ziekenhuis in werking treedt. De kabinetchef gaf heel gestructureerd en concreet de punten van ons project weer waarbij ze ons mogelijks een oplossing of hulp konden bieden. Daarna gaf hij alle gegevens door aan de minister en we hadden nog een gesprek met beiden samen.
Het onderhoud waarvan we oorspronkelijk verwacht hadden dat het een kwartier tot een halfuur zou duren was ondertussen uitgelopen tot verschillende uren.
Het deed ons plezier dat ons project gesteund werd door de Senegalese regering die zelf niet voldoende middelen kan vrijmaken voor gezondheidszorg en educatie waar onze eerste zorg naar uit gaat.